Loon belast in het werkland, de woning in het woonland, en een verdrag dat regelt wie wat mag heffen. De hoofdlijnen voor grensarbeiders.
Op deze pagina staat de belasting voor wie in België of Duitsland woont en in Nederland in loondienst werkt, uitgewerkt in een rekenvoorbeeld met een loon van € 50.000. De hoofdregel staat al op wonen in België en wonen in Duitsland; hier lees je wat daarna komt: thuiswerkdagen, het progressievoorbehoud, de heffingskortingen, de aangifte in twee landen en de premies. De zorgverzekering staat op zorgverzekering voor grensarbeiders. Alle bedragen gelden voor belastingjaar 2026 en voor een werknemer die nog niet de AOW-leeftijd heeft.
Belasting grensarbeider: samenvatting
- Je loon voor de dagen die je in Nederland werkt, belast Nederland. Dat volgt uit artikel 15 lid 1 van het verdrag met België (5 juni 2001) en artikel 14 lid 1 van het verdrag met Duitsland (12 april 2012).
- Je woonland stelt dat loon vrij, maar telt het mee bij het bepalen van het tarief over je overige inkomen: het progressievoorbehoud (artikel 23 lid 1 onder a met België, artikel 22 met Duitsland, § 32b EStG).
- Thuiswerkdagen zijn dagen waarop je de arbeid in je woonland uitoefent. Met Duitsland geldt sinds 1 januari 2026 een drempel van 34 thuiswerkdagen per jaar; met België bevat het verdrag geen drempel.
- Als inwoner van België ben je buitenlands belastingplichtige en volgens de Belastingdienst niet kwalificerend, maar je hebt wel recht op de algemene heffingskorting, de arbeidskorting en de inkomensafhankelijke combinatiekorting.
- Als inwoner van Duitsland ben je kwalificerend zodra minimaal 90% van je totale inkomen in Nederland wordt belast; dan heb je dezelfde kortingen en aftrek als een Nederlandse inwoner.
- De compensatieregeling in artikel 27 van het verdrag met België is er voor Nederlandse inwoners die in België werken, niet voor jou als inwoner van België.
- Wie in Nederland werkt en in het buitenland woont, blijft meestal verzekerd voor de AOW en betaalt de premies via de loonheffing.
Wonen in België en werken in Nederland: welk land belast je loon
Nederland belast je loon voor de dagen waarop je in Nederland werkt. Artikel 15 lid 1 van het verdrag zegt dat loon van een inwoner van een verdragsstaat alleen in die woonstaat belastbaar is, tenzij de dienstbetrekking in de andere staat wordt uitgeoefend. Je woonstaat is België, je dienstbetrekking oefen je uit in Nederland, dus Nederland mag het loon belasten dat je daar verdient.
Lid 2 van hetzelfde artikel kent een uitzondering waarin je loon toch alleen in België wordt belast. Dan moeten drie voorwaarden tegelijk gelden: je verblijft samen niet meer dan 183 dagen in twaalf maanden in Nederland, het loon wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van Nederland is, en het loon komt niet ten laste van een vaste inrichting of vaste basis die de werkgever in Nederland heeft. Heb je een Nederlandse werkgever, dan valt de tweede voorwaarde af. De uitzondering is bedoeld voor een Belgische werknemer die tijdelijk voor zijn Belgische werkgever in Nederland werkt. De Belastingdienst legt daarbij uit dat de twaalf maanden niet in één kalenderjaar hoeven te vallen, dat de dagen niet aaneengesloten hoeven te zijn en dat ziektedagen, weekenden en nationale feestdagen in het werkland meetellen voor de 183 dagen.
Met Nederland ben je klaar, met België nog niet. Artikel 23 lid 1 onder a laat België het in Nederland belaste loon vrijstellen, zodat je niet twee keer belasting betaalt. Daar hoort het progressievoorbehoud bij, dat verderop staat uitgewerkt. De Belastingdienst schrijft op haar pagina over het verdrag met België dat je niet dubbel belasting betaalt, maar dat je misschien in beide landen aangifte moet doen.
Wonen in Duitsland en werken in Nederland: welk land belast je loon
Ook in Duitsland geldt dat Nederland het loon belast voor de dagen die je in Nederland werkt. Artikel 14 lid 1 van het verdrag met Duitsland heeft dezelfde opbouw als artikel 15 van het Belgische verdrag: loon is belastbaar in de woonstaat, tenzij de dienstbetrekking in de andere staat wordt uitgeoefend. Lid 2 vraagt weer drie voorwaarden tegelijk, namelijk niet meer dan 183 dagen in twaalf maanden, een werkgever die geen inwoner is van de werkstaat en geen last voor een vaste inrichting daar. Met een Nederlandse werkgever geldt die uitzondering niet.
Duitsland vermijdt de dubbele belasting door het Nederlandse loon vrij te stellen van de Duitse grondslag, voor zover het volgens het verdrag werkelijk in Nederland wordt belast (artikel 22 lid 1 onder a). Onder d behoudt Duitsland het recht om dat vrijgestelde inkomen mee te tellen bij het tarief over de rest. Ook hier schrijft de Belastingdienst dat je niet dubbel belasting betaalt, maar dat je misschien aangifte moet doen in Duitsland en in Nederland.
Werk je tijdelijk in Nederland voor een Duitse werkgever, dan blijf je volgens de Belastingdienst in Duitsland belast bij maximaal 183 dagen in twaalf maanden. Weekenden, feestdagen en verlof tellen mee, en je Duitse werkgever mag je niet uitlenen aan een Nederlandse werkgever; het loon moet uit Duitsland blijven komen.
Progressievoorbehoud bij wonen in België of Duitsland: waarom je Nederlandse loon meetelt
Het progressievoorbehoud betekent dat je woonland je Nederlandse loon niet belast, maar het wel gebruikt om het tarief over je overige inkomen vast te stellen. Artikel 23 lid 1 onder a van het verdrag met België zegt dat België in Nederland belaste inkomsten vrijstelt, maar bij het berekenen van de belasting op het overige inkomen het tarief mag toepassen dat zonder die vrijstelling zou gelden. Het Duitse recht doet hetzelfde in § 32b EStG: voor onbeperkt belastingplichtigen vallen inkomsten die op grond van een dubbelbelastingverdrag zijn vrijgesteld onder het progressievoorbehoud (§ 32b lid 1 Nr. 3). Het bijzondere tarief is het tarief dat ontstaat wanneer je het vrijgestelde inkomen bij het zu versteuerndes Einkommen optelt, en dat tarief wordt toegepast op het gewone zu versteuerndes Einkommen.
In de praktijk merk je dat pas als je naast je Nederlandse loon nog inkomen in je woonland hebt, bijvoorbeeld huur van een tweede woning, rente of een bijbaan. Heb je niets anders, dan heeft het voorbehoud geen gevolgen, want een tarief over een inkomen van nul levert nul op.
Rekenvoorbeeld: progressievoorbehoud in Duitsland
Stel dat je in Duitsland woont, € 40.000 loon uit Nederland hebt dat in Duitsland is vrijgesteld en daarnaast € 10.000 Duits zu versteuerndes Einkommen. Voor de eenvoud rekenen we zonder aftrekposten; in je echte aangifte dalen beide bedragen door onder meer werknemersforfait en Sonderausgaben.
- Zonder voorbehoud: € 10.000 ligt onder het Grundfreibetrag van € 12.348 (§ 32a EStG), dus de Duitse inkomstenbelasting is € 0.
- Met voorbehoud: het tarief wordt bepaald over € 50.000. Dat valt in de zone van € 17.800 tot € 69.878, waar de formule (173,10 × z + 2.397) × z + 1.034,87 geldt met z = (€ 50.000 min € 17.799) / 10.000 = 3,2201. Dat geeft € 10.548 belasting over € 50.000, een tarief van 21,096%.
- Dat tarief pas je toe op de € 10.000 die in Duitsland wel wordt belast: € 2.109,60.
Het Nederlandse loon kost je in Duitsland dus geen belasting, maar het verhoogt de belasting over je Duitse inkomen van € 0 naar € 2.109,60. Voor België werkt het principe hetzelfde, maar de Belgische schijven en de belastingvrije som van het aanslagjaar staan op de site van de FOD Financiën; laat een Belgische boekhouder of de Belgische belastingdienst doorrekenen wat jouw tarief wordt.
Thuiswerken als grensarbeider: welke thuiswerkdagen tellen en wat verandert per 2026
Een dag thuiswerken in je woonland is een dag waarop je de arbeid niet in Nederland uitoefent, en dat kan het belastingland van die dag veranderen. Met Duitsland is dat sinds 2026 geregeld, met België niet.
Thuiswerken en wonen in Duitsland: de drempel van 34 dagen
Het wijzigingsprotocol bij het verdrag met Duitsland van 14 april 2025 voert een drempel in van 34 thuiswerkdagen per kalenderjaar. Het is in werking getreden op 31 december 2025 en geldt vanaf 1 januari 2026, ook voor overheidsmedewerkers. De Belastingdienst legt de gevolgen uit op haar pagina voor inwoners van Duitsland: werk je maximaal 34 dagen per jaar thuis, dan blijf je over je thuiswerkdagen in Nederland belasting betalen. Werk je meer dan 34 dagen thuis, dan betaal je over het loon op al je thuiswerkdagen in Duitsland belasting. De drempel is dus geen vrijstelling voor de eerste 34 dagen, maar een grens: zodra je erboven komt, vallen alle thuiswerkdagen onder Duitsland.
Een thuiswerkdag is volgens de Belastingdienst een dag waarop je meer dan 30 minuten thuiswerkt voor je werkgever. Het kan ook een dag zijn waarop je in een ander land dan Nederland of Duitsland werkt. Wie structureel een of twee dagen per week thuiswerkt, komt boven de 34 dagen: bij een vaste thuiswerkdag per week en 46 werkweken kom je op 46 dagen. Nederland en Duitsland tekenden volgens de Rijksoverheid een intentieverklaring om later over een ruimere regeling te praten.
Thuiswerken en wonen in België: geen dagendrempel in het verdrag
Het verdrag met België bevat geen dagendrempel voor thuiswerkende werknemers. Artikel 15 lid 1 kijkt naar waar je de dienstbetrekking uitoefent, en wie thuis in België werkt, oefent haar daar uit. Dat betekent dat de dagen die je thuis werkt bij België kunnen vallen en de dagen in Nederland bij Nederland. In december 2023 sloten Nederland en België een overeenkomst over de vaste inrichting van je werkgever: werk je 50% of minder van je arbeidstijd per jaar vanuit huis, dan is er in ieder geval geen vaste inrichting. De Rijksoverheid meldde op 11 december 2023 dat die afspraak het verdrag niet wijzigt, noemde geen gevolgen voor de loonbelasting van de werknemer en schreef dat over een drempelregeling voor hybride werken nog werd onderhandeld. Of er inmiddels een drempel met België is, vraag je daarom bij de Belastingdienst en je werkgever na voordat je een thuiswerkafspraak tekent.
Houd in beide landen per dag bij waar je werkt. Je werkgever heeft dat nodig voor de loonheffing en jij voor je aangifte.
Rekenvoorbeeld: Nederlands loon van € 50.000 voor een inwoner van België of Duitsland
We rekenen met een loon van € 50.000 dat je volledig in Nederland verdient, 220 werkdagen per jaar en een loon dat gelijkmatig over die dagen is verdeeld. Voor de eenvoud is het loon gelijk aan je arbeidsinkomen en je verzamelinkomen, zonder pensioenpremie en zonder andere aftrek.
De Nederlandse tarieven in box 1 zijn in 2026 voor wie nog niet de AOW-leeftijd heeft 35,75% tot € 38.883, 37,56% tot € 78.426 en 49,50% daarboven. De eerste schijf bevat naast belasting ook de premies volksverzekeringen. Over € 50.000 komt dat uit op:
| Onderdeel | Berekening | Bedrag |
|---|---|---|
| Eerste schijf | € 38.883 × 35,75% | € 13.900,67 |
| Tweede schijf | (€ 50.000 min € 38.883) × 37,56% | € 4.175,55 |
| Samen vóór kortingen | € 18.076,22 | |
| Algemene heffingskorting | € 3.115 min 6,398% × (€ 50.000 min € 29.736) | € 1.818,51 |
| Arbeidskorting | € 5.685 min 6,510% × (€ 50.000 min € 45.592) | € 5.398,04 |
| Na beide kortingen | € 10.859,67 | |
| Alleen met arbeidskorting | € 18.076,22 min € 5.398,04 | € 12.678,18 |
De regel "Na beide kortingen" geldt voor een inwoner van België en voor een kwalificerende inwoner van Duitsland. De laatste regel geldt voor een niet-kwalificerende inwoner van Duitsland, omdat de algemene heffingskorting voor hem niet op de lijst van de Belastingdienst staat (zie het hoofdstuk over heffingskortingen). Hoe de kortingen precies naar verhouding worden toegepast als je een deel van je loon in je woonland laat belasten, bepaalt de Belastingdienst in je aangifte.
Met thuiswerkdagen
Nu werk je 44 van je 220 dagen thuis, dat is 20% en gelijk aan € 10.000 van je loon.
| Situatie | Loon belast in Nederland | Nederlandse belasting en premies vóór kortingen | Loon belast in je woonland |
|---|---|---|---|
| Geen thuiswerkdagen | € 50.000 | € 18.076,22 | € 0 |
| België, 44 thuiswerkdagen | € 40.000 | € 14.320,22 | € 10.000 tegen het Belgische tarief |
| Duitsland, 30 thuiswerkdagen | € 50.000 | € 18.076,22 | € 0 |
| Duitsland, 44 thuiswerkdagen | € 40.000 | € 14.320,22 | € 10.000, waarvan Duitse belasting € 2.109,60 volgens het rekenvoorbeeld hierboven |
Voor € 40.000 is de rekensom € 13.900,67 plus (€ 40.000 min € 38.883) × 37,56%, dus € 419,55, samen € 14.320,22. Het verschil met de € 18.076,22 is € 3.756,00, precies 37,56% van de € 10.000 die naar je woonland gaat. Met 30 thuiswerkdagen in Duitsland blijft alles onder de drempel van 34 dagen en verandert er niets. Met 44 dagen zit je erboven en gaat het loon voor al die 44 dagen naar Duitsland. Of je per saldo voordeel of nadeel hebt, hangt af van het tarief in je woonland, van de kortingen en van je andere inkomen; laat het doorrekenen voordat je thuiswerkdagen toevoegt.
Heffingskortingen als buitenlands belastingplichtige: kwalificerend of niet
Of je dezelfde kortingen krijgt als een Nederlandse inwoner, hangt af van je woonland en van het deel van je inkomen dat in Nederland wordt belast. De Belastingdienst noemt je kwalificerend buitenlands belastingplichtige als je in een ander EU-land, Liechtenstein, Noorwegen, IJsland, Zwitserland of op Bonaire, Sint Eustatius of Saba woont en minimaal 90% van je totale inkomen in Nederland belast wordt. Dan heb je recht op dezelfde aftrekposten en heffingskortingen als een inwoner. Verdienen jij en je fiscale partner samen minimaal 90% in Nederland, dan kunnen jullie allebei kwalificerend zijn.
Inwoner van België: niet kwalificerend, wel drie kortingen
België staat op de lijst van de Belastingdienst voor niet-kwalificerende woonlanden. Als inwoner van België heb je recht op de algemene heffingskorting, de arbeidskorting en de inkomensafhankelijke combinatiekorting. Ook het heffingsvrij vermogen in box 3 en de ondernemersaftrek staan op de lijst, en alimentatie aan een ex-partner en uitgaven voor het tijdelijk verblijf thuis van een gehandicapt kind mag je naar verhouding aftrekken. Het maakt voor België dus niet uit of 100% van je inkomen uit Nederland komt: je blijft niet kwalificerend, en hypotheekrente staat niet op die lijst.
Inwoner van Duitsland: de 90%-regel
Duitsland staat niet bij naam op de pagina van de Belastingdienst; je valt onder de categorie andere EU-landen. Verdien je 90% of meer van je totale inkomen in Nederland, dan ben je kwalificerend en heb je dezelfde kortingen en aftrek als een Nederlandse inwoner. Dat telt mee als wereldinkomen, dus ook vermogen en een aanmerkelijk belang. Ben je niet kwalificerend, dan noemt de Belastingdienst voor jou de arbeidskorting en de inkomensafhankelijke combinatiekorting, de ondernemersaftrek en het heffingsvrij vermogen in box 3. De algemene heffingskorting staat niet op die lijst. Een inkomensverklaring uit je woonland is sinds 2026 niet meer nodig.
In het rekenvoorbeeld kan dat het verschil maken. Woon je in Duitsland en werk je het hele jaar in Nederland, dan is 100% van je € 50.000 in Nederland belast en ben je kwalificerend. Werk je 44 dagen thuis, dan is bij 220 werkdagen 80% van je loon in Nederland belast (€ 40.000 van € 50.000), en dat is minder dan 90%. Je bent dan niet langer kwalificerend, ook al verandert je baan niet. Bij 220 werkdagen en een gelijkmatig verdeeld loon is de grens van 90% bij 22 thuiswerkdagen bereikt. Omdat in Duitsland vanaf 35 thuiswerkdagen alle thuiswerkdagen naar Duitsland gaan, zakt je in dit voorbeeld bij elke dag boven de drempel onder de 90%. Tel daarbij het inkomen van je partner op, want fiscale partners tellen hun inkomens bij elkaar.
Premiedeel en belastingdeel van de heffingskorting
De heffingskorting heeft twee delen. Het premiedeel krijg je als je verplicht verzekerd bent voor de Nederlandse volksverzekeringen, en dat ben je als je in Nederland werkt. In 2026 zijn dat voor de algemene heffingskorting van € 3.115 de fracties 17,90/35,75 voor de AOW, 0,1/35,75 voor de Anw en 9,65/35,75 voor de Wlz. Het belastingdeel is 8,10/35,75. Wie het hele jaar in het buitenland woont, heeft op het belastingdeel doorgaans geen recht, tenzij hij kwalificerend is. Een niet-kwalificerende krijgt het belastingdeel alleen van de kortingen die op de lijst van zijn woonland staan. Werk je in het buitenland en ben je daar verzekerd, dan krijg je het premiedeel doorgaans niet.
Hypotheekrenteaftrek bij wonen in België of Duitsland en werken in Nederland
De aftrek van hypotheekrente op je woning in je woonland is alleen voor kwalificerende belastingplichtigen. De Belastingdienst noemt voor België geen hypotheekrente op de lijst van aftrekposten, dus als inwoner van België heb je geen Nederlandse renteaftrek op je Belgische woning. Als kwalificerende inwoner van Duitsland geldt de aftrek onder dezelfde voorwaarden als voor Nederlandse inwoners: de lening is na 1 januari 2013 afgesloten voor koop of verbouwing van een eigen woning en wordt binnen 30 jaar annuïtair of lineair afgelost, en de aftrek duurt maximaal 30 jaar. Een niet-kwalificerende telt alleen een vroegere of toekomstige Nederlandse woning als eigen woning. Voor een woning in Duitsland geeft de Belastingdienst geen aparte regel; vraag je situatie voor je koopt na bij de Belastingdienst. Meer over de financiering staat op hypotheek in Duitsland en hypotheek in België.
Belastingaangifte als grensarbeider: in Nederland en in België of Duitsland
Je betaalt niet dubbel belasting, maar je moet misschien in beide landen aangifte doen. Dat schrijft de Belastingdienst voor zowel België als Duitsland.
In Duitsland moet je een Einkommensteuererklärung indienen als de som van je inkomsten onder progressievoorbehoud meer dan € 410 bedraagt (§ 46 lid 2 Nr. 1 EStG). Je Nederlandse loon is zo'n inkomen en gaat er dus altijd overheen. Je kunt ook zelf een aanslag aanvragen door een aangifte in te dienen, bijvoorbeeld om ingehouden loonbelasting te verrekenen (§ 46 lid 2 Nr. 8); een termijn staat niet in dat artikel, dus vraag de Finanzamt of een Steuerberater naar de tijdlijn voor jouw geval.
In België bepaalt de FOD Financiën wie een aangifte personenbelasting indient, met welke deadline en welke schijven. Die gegevens staan achter de beveiligde site van de FOD Financiën; kijk in de brief die je krijgt of op Tax-on-web, en vraag een Belgische boekhouder of de FOD Financiën of je Nederlandse loon op een apart vak moet. Reken erop dat België het Nederlandse loon wil zien om het tarief op je overige inkomen vast te stellen (artikel 23 lid 1 onder a).
In Nederland doe je aangifte als buitenlands belastingplichtige; welke kortingen je daarbij krijgt, staat hierboven. Je werkgever houdt de loonheffing al in; de aangifte regelt of dat te veel of te weinig was.
AOW-premie en sociale zekerheid als je in België of Duitsland woont
Wie in het buitenland woont en uitsluitend in Nederland werkt, is meestal in Nederland verzekerd voor de volksverzekeringen. Dat volgt uit de Europese coördinatieverordening 883/2004, waarin de werknemer valt onder de wetgeving van de lidstaat waar hij werkt (artikel 11 lid 3 onder a). De Rijksoverheid schrijft daarom dat je als inwoner van het buitenland die in Nederland werkt en belasting en premies betaalt meestal verzekerd blijft voor de AOW.
De premies zitten in de eerste schijf van de loonheffing. Van de 35,75% in 2026 is 8,10 punten belasting en 27,65 punten premie: 17,90% voor de AOW, 0,10% voor de Anw en 9,65% voor de Wlz. Een AOW-opbouw gaat dus gewoon door, ook als je in België of Duitsland woont. Voor wie wel naar het buitenland verhuist en daar niet werkt, geldt iets anders: dan bouw je meestal geen AOW meer op, krijg je 2% korting per jaar zonder verzekering en kun je je vrijwillig verzekeren tot een jaar na vertrek. Dat staat op emigreren naar België en emigreren naar Duitsland.
Thuiswerken kan ook je sociale verzekering raken. Volgens de SVB kun je in Nederland verzekerd blijven als je minder dan 50% van je werktijd in je woonland telewerkt, op basis van een Kaderovereenkomst die sinds 1 juli 2023 geldt. Daar komen voorwaarden bij en je vraagt de A1-verklaring aan bij de SVB; vraag je werkgever dat te regelen voordat je de thuiswerkafspraak tekent. Ook de zorgverzekering volgt het werkland: wie in Nederland werkt met een Nederlandse werkgever moet een Nederlandse zorgverzekering afsluiten, ook als je in het buitenland woont. Het eigen risico is € 385 in 2026. Alles daarover staat op zorgverzekering voor grensarbeiders.
Pensioen als je in België of Duitsland woont
Pensioen dat je in Nederland hebt opgebouwd, behoudt je. De SVB schrijft dat wie in Nederland en in België pensioen heeft opgebouwd uit beide landen wordt betaald, en dat de pensioenleeftijd per land verschilt. Hoe België je Nederlandse pensioen belast, vraag je voordat het ingaat aan je pensioenuitvoerder en de FOD Financiën.
Voor Duitsland is de Belastingdienst duidelijker. Nederlandse pensioenen en lijfrenten worden in beginsel in Duitsland belast. Nederland heft belasting als het totaal aan Nederlandse pensioeninkomsten, zoals AOW, Anw, bedrijfspensioen en lijfrente, meer dan € 15.000 per jaar bedraagt. Overheidspensioenen en UWV-uitkeringen tellen niet mee voor die grens, en een Nederlands overheidspensioen blijft in Nederland belast tenzij je de Duitse nationaliteit hebt. Een afkoopsom van een pensioen of lijfrente wordt in Nederland belast.
Gemeentelijke opslag in België en Grundsteuer in Duitsland
Je woonland kan bovenop de inkomstenbelasting nog gemeentelijke heffingen leggen. Vraag je Belgische gemeente en de FOD Financiën of er op de personenbelasting een gemeentelijke opslag wordt geheven en hoe hoog die is; het percentage kan per gemeente verschillen. Voor een woning in eigendom in Duitsland betaal je de Grundsteuer aan je gemeente; die staat op wonen in Duitsland. De onroerende voorheffing in Vlaanderen staat op wonen in België.
Wonen in Nederland en werken in België of Duitsland: belasting en compensatie
De omgekeerde situatie is een aparte zoekvraag. Woon je in Nederland en werk je in België, dan mag België het loon belasten voor de arbeid die je daar uitoefent (artikel 15 lid 1). Artikel 27 van het verdrag heet de Compensatieregeling voor Nederlandse grensarbeiders en geeft jou als inwoner van Nederland met loon uit België een vermindering van Nederlandse belasting, voor zover de som van Nederlandse belasting, Belgische belasting en premies hoger is dan wat je zou betalen als je dat loon uit Nederland had.
De Belastingdienst kent twee vormen. De algemene compensatie is er voor iedereen met loon of inkomen uit werk in België, en compenseert gemiste aftrek zoals hypotheekrente of een persoonsgebonden budget en de heffingskorting van een partner zonder of met laag inkomen. De bijzondere compensatie is alleen voor wie op 31 december 2002 onder de grensarbeidersregeling viel, en je verliest haar bij een wisseling van werkgever behalve bij overname, fusie of onvrijwillig ontslag met een nieuwe Belgische baan binnen zes maanden. Je vraagt compensatie aan in een voorlopige aanslag of in je aangifte. Heb je je Belgische loon op je Nederlandse aangifte nodig, dan reken je het om naar Nederlands loon met de rekentool van de Belastingdienst.
De Belgische compensatieregeling geldt niet voor wie in Nederland woont en in Duitsland werkt; vraag de Belastingdienst naar de regels uit het verdrag met Duitsland.
Zzp en belasting bij wonen in België en werken in Nederland
Dit artikel gaat over loondienst. Ben je zelfstandige, dan geldt artikel 14 lid 1 van het verdrag met België: inkomsten uit een vrij beroep of andere zelfstandige werkzaamheden zijn alleen belastbaar in je woonstaat, tenzij je in de andere staat geregeld over een vaste basis beschikt. Heb je zo'n vaste basis in Nederland, dan mag Nederland belasten, maar alleen voor zover de inkomsten aan die basis kunnen worden toegerekend. Werk je als zelfstandige vanuit Duitsland, vraag de Belastingdienst dan om de regel in het verdrag met Duitsland. Ook de sociale verzekering van zelfstandigen verloopt via de SVB en niet via de regels voor werknemers.
Samenvatting: belasting als grensarbeider in vijf stappen
- Bepaal per dag waar je werkt en houd een thuiswerkadministratie bij.
- Laat Nederland je loon belasten voor de dagen in Nederland; in Duitsland blijven alle thuiswerkdagen bij Nederland tot en met 34 per jaar.
- Laat je woonland het Nederlandse loon vrijstellen en reken op het progressievoorbehoud over je overige inkomen.
- Controleer of je kwalificerend bent (90%) en welke kortingen je krijgt.
- Doe aangifte in Nederland en, waar nodig, in je woonland; laat het één keer doorrekenen door een adviseur met grenspraktijk.
Vragen over belasting voor grensarbeiders
In welk land betaal ik belasting als ik in België woon en in Nederland werk?
Over het loon voor de dagen die je in Nederland werkt betaal je in Nederland belasting (artikel 15 lid 1 van het verdrag met België). België stelt dat loon vrij, maar telt het mee voor het tarief over je overige inkomen (artikel 23 lid 1 onder a).
Geldt de compensatieregeling voor mij als ik in België woon?
Nee. Artikel 27 is de Compensatieregeling voor Nederlandse grensarbeiders: ze geldt voor inwoners van Nederland die loon uit België krijgen.
Hoeveel dagen mag ik thuiswerken als ik in Duitsland woon?
Maximaal 34 dagen per kalenderjaar, sinds 1 januari 2026. Werk je meer dan 34 dagen thuis, dan betaal je over al je thuiswerkdagen in Duitsland belasting. Een dag telt mee als je meer dan 30 minuten thuiswerkt voor je werkgever.
Is er een drempel voor thuiswerken als ik in België woon?
Het verdrag met België bevat geen dagendrempel. Nederland en België spraken in december 2023 af dat een werknemer die 50% of minder van zijn arbeidstijd thuiswerkt in ieder geval geen vaste inrichting voor zijn werkgever veroorzaakt; dat is een regel voor de werkgever. Vraag je werkgever en de Belastingdienst naar de stand voor jouw jaar.
Ben ik kwalificerend buitenlands belastingplichtige als ik in België woon?
Nee, België staat op de lijst van de Belastingdienst voor niet-kwalificerende woonlanden. Je hebt wel recht op de algemene heffingskorting, de arbeidskorting en de inkomensafhankelijke combinatiekorting.
Wanneer ben ik kwalificerend als ik in Duitsland woon?
Als minimaal 90% van je totale inkomen in Nederland wordt belast. Dan heb je dezelfde aftrek en kortingen als een inwoner van Nederland, hypotheekrente inbegrepen. Fiscale partners tellen hun inkomens bij elkaar.
Moet ik aangifte doen in Nederland en in mijn woonland?
Misschien wel, schrijft de Belastingdienst. In Duitsland is een Einkommensteuererklärung verplicht als de som van je inkomsten onder progressievoorbehoud meer dan € 410 bedraagt (§ 46 lid 2 Nr. 1 EStG). Voor België staat de deadline en de schijven bij de FOD Financiën.
Bouw ik AOW op als ik in België of Duitsland woon en in Nederland werk?
Meestal wel. Wie in het buitenland woont en in Nederland werkt en belasting en premies betaalt, blijft volgens de Rijksoverheid meestal verzekerd voor de AOW. De AOW-premie is in 2026 17,90%, onderdeel van de eerste schijf van 35,75%.